Goed lezen aub

Algemene Voorwaarden

Artikel 1 ‐ Verplichtingen rijschool
De rijschool is verplicht er zorg voor te dragen:
1. dat les wordt gegeven door instructeurs, die voldoen aan de bepalingen van de Wet
Rijonderricht Motorrijtuigen (WRM);
2. dat de aanvraag voor het onderzoek naar de rijvaardigheid (verder: het onderzoek) door de
verkeersschool –onder voldoening van de daarvoor geldende bedragen ‐daadwerkelijk is
ingediend bij de Stichting Centraal Bureau Rijvaardigheidsbewijzen (CBR) of het Bureau Nader
Onderzoek Rijvaardigheid (BNOR) uiterlijk twee weken na de datum waarop in overleg met de
leerling is besloten dat het onderzoek naar de rijvaardigheid (verder: het onderzoek) kan
worden aangevraagd.
3. dat de leerling, die via de rijschool het onderzoek heeft aangevraagd, op de datum en tijd
waarvoor hij/zij is opgeroepen door het CBR of Bureau Nader Onderzoek tot het afleggen van
een onderzoek de beschikking heeft over hetzelfde les(motor)voertuig als waarin hij de rijlessen
heeft ontvangen, dan wel tenminste over een les(motor)voertuig van hetzelfde
of gelijkwaardige type;
4. dat de tijdsduur van de te geven rijles volledig wordt benut voor het geven van rijles;

Artikel 2 ‐ Verplichtingen leerling
De leerling is verplicht:
1. zich te houden aan de afgesproken datum, tijd en plaats voor de rijles (door de
verkeersschool wordt een wachttijd van 15 minuten in acht genomen) en bij niet verschijnen op
het afgesproken lesuur zonder tijdige afzegging, de volledige lesprijs te voldoen;
2. de volledige lesprijs te voldoen indien de rijles wordt afgezegd binnen 48 uur voor de
afgesproken tijd. Zaterdagen, zondagen, alsmede erkende feestdagen worden niet
meegerekend in deze 48 uur. Afzegging dient tijdens de kantooruren van de rijschool te
gebeuren en dient persoonlijk op het kantoor van de rijschool, per email of telefonisch te
worden gedaan. Een te laat afgezegde les wordt niet in rekening gebracht bij afzeggen vanwege
een dringende reden, zoals de begrafenis van een overledene in de naaste familie (t/m 2e
graad) of eigen plotselinge ziekte (overleggen van een doktersverklaring vereist)
3. alle aanwijzingen van de rij‐instructeur tijdens de rijlessen op te volgen;
4. het met de rijschool overeengekomen lesschema, zoals bijvoorbeeld de aan te leren
lesonderdelen en het aantal te volgen rijlessen per week, tot aan de datum van het onderzoek
na te komen;
5. bij het onderzoek naar de rijvaardigheid (tussentijdse toets, rijexamen en nader onderzoek)
een geldig legitimatiebewijs en een geldig theoriecertificaat (of geldig vervangend document) te
overleggen;
6. eventuele medische klachten, waarvan hij/zij redelijkerwijs kan verwachten dat deze van
invloed kunnen zijn op de bevoegdheid een motorvoertuig te besturen, tijdig af te stemmen met
het examenbureau voordat de rijopleiding wordt aangevangen. Indien de leerling nalaat dit te
doen en de rijopleiding daardoor moet worden onderbroken of afgebroken, kan de rijschool
hiervoor niet aansprakelijk worden gesteld;
7. zich ervan te overtuigen dat, indien het praktijkonderzoek met goed gevolg is afgelegd, op
grond van de verblijfsstatus een rijbewijs kan worden afgegeven. De rijschool kan er niet
aansprakelijk voor worden gesteld, indien aan een cursist de afgifte van het rijbewijs wordt
geweigerd.
Artikel 3 – Betaling
1. De rijschool is gerechtigd een bedrag aan inschrijvingsgeld/administratiekosten in rekening te
brengen. De leerling dient deze kosten voor aanvang van de eerste les contant te voldoen.
2. Tenzij schriftelijk uitdrukkelijk anders wordt overeengekomen moet betaling van het lesgeld
en de kosten, verbonden aan de individueel of in groepsverband te volgen theorielessen, per
rijles respectievelijk theorieles vooruit per bank worden voldaan.
3. De rijschool is gerechtigd tijdens de duur van de lesovereenkomst zijn lesprijs te verhogen. De
leerling heeft in dat geval het recht om de lesovereenkomst schriftelijk te ontbinden, van welke
bevoegdheid hij gebruik kan maken tot twee weken na kennisneming van de prijsverhoging.
Hierna vervalt de bevoegdheid tot ontbinding vanwege de prijsverhoging.
4. Indien vooruit per bank dient te worden betaald en deze betaling blijft uit, dan ontvangt de
leerling 14 dagen nadat de achterstand is opgetreden een aanmaning. De rijschool is gerechtigd
het bedrag van de achterstand te verhogen met administratiekosten. Indien 14 dagen na de
aanmaning het te betalen bedrag niet volledig is voldaan, dan is de leerling automatisch in
verzuim. Als dan wordt over het nog openstaande bedrag rente berekend. Het rentepercentage
bedraagt de wettelijke rente vermeerderd met 2% op jaarbasis. Het resterende gedeelte van de
maand vanaf het moment waarop de betaling had moeten plaatsvinden, wordt als gehele
maand aangemerkt.
5. Deze verhoging van het verschuldigde bedrag wordt beschouwd als een voorwaarde,
waaronder door de rijschool uitstel van betaling is verleend, zonder dat daarmee de verplichting
van de leerling tot betaling per het overeengekomen tijdstip komt te vervallen.
6. Indien de leerling in verzuim blijft het verschuldigde bedrag te betalen, dan kan de rijschool
de vordering ter incasso uit handen geven aan een derde. Als dan is de rijschool gerechtigd het
verschuldigd bedrag met incassokosten te verhogen. Deze incassokosten omvatten zowel de
gerechtelijke als de buitengerechtelijke kosten. Buitengerechtelijke kosten zijn alle
kosten die aan de rijschool in rekening worden gebracht door advocaten, procureurs,
deurwaarders en ieder ander van wie de rijschool zich bedient voor de invordering van het
verschuldigde bedrag. De buitengerechtelijke kosten worden vastgesteld op ten minste 15 %
van het verschuldigde bedrag met een minimum van € 65,‐
7. Indien de leerling in verzuim blijft het verschuldigde bedrag te betalen, is de rijschool
gerechtigd tot opzegging van de overeenkomst over te gaan, wanneer de leerling schriftelijk in
gebreke is gesteld en in verzuim is door verloop van de bij ingebrekestelling gestelde termijn.
Deze termijn dient een redelijk termijn te zijn. De rijschool dient de leerling van de opzegging
schriftelijk in kennis te stellen.

Artikel 4 – Aanvraag onderzoek naar de rijvaardigheid (tussentijdse toets, rijexamen, nader
onderzoek) verder te noemen het onderzoek
1. Tenzij schriftelijk uitdrukkelijk anders is overeengekomen dienen de kosten van het
onderzoek voor aanvraag contant of per bank aan de rijschool te worden voldaan.
2. Veertien dagen na de datum van aanvraag krijgt de leerling via email de datum van het
onderzoek. Bovendien ontvangt de leerling per email een kopie van de uitnodiging voor het
onderzoek.
3. Indien het onderzoek geen doorgang vindt omdat de leerling niet of te laat op het onderzoek
verschijnt, of omdat de leerling geen vereiste, geldige documenten kan tonen, dan zijn de
kosten voor aanvraag van een nieuw onderzoek voor rekening van de leerling.
4. De rijschool is na mondelinge of schriftelijke aankondiging gerechtigd tussentijdse
prijswijzigingen van het theorie‐ en praktijkgedeelte van het onderzoek door te berekenen en is
verplicht op verzoek van de leerling een schriftelijke specificatie van die prijswijziging te geven.
Artikel 5 ‐ Onderzoek naar de rijvaardigheid
1. Indien het CBR of het BNOR het onderzoek wegens slechte weersomstandigheden op de
afgesproken tijd geen doorgang laat vinden, dan kan de rijschool de leerling het lesgeld van één
rijles in rekening brengen voor het opnieuw vastgestelde onderzoek.
2. Indien de leerling het onderzoek niet kan aanvragen of voltooien als gevolg van het feit dat:
a. een familielid tot en met de tweede graad van de leerling of van de instructeur is overleden
en de begrafenis nog niet heeft plaatsgevonden, c.q. plaats zal vinden op de dag van het
onderzoek zelf;
b. het lesvoertuig, waarmee het onderzoek dient te worden afgelegd niet ter beschikking is en
geen lesvoertuig van hetzelfde of gelijkwaardig type ter beschikking is;
c. het lesvoertuig, waarmee het onderzoek dient te worden afgelegd, door de examinator van
het CBR of de deskundige van het BNOR wordt afgekeurd en geen vervangend lesvoertuig van
hetzelfde of gelijkwaardig type beschikbaar is; zal de rijschool ervoor zorgen dat voor de leerling
een nieuw onderzoek wordt aangevraagd, indien de leerling dit wenst. De rijschool staat ervoor
in dat het aanvragen van het onderzoek als dan geschiedt zonder kosten voor de leerling.
3. In de in het tweede lid genoemde gevallen garandeert de rijschool bovendien dat de leerling,
indien hij/zij opnieuw onderzoek wil aanvragen, twee gratis rijlessen ontvangt. Dit is niet van
toepassing indien het een nieuwe aanvraag betreft voor een tussentijdse toets.
Artikel 6 – Beëindiging/onderbreking van de rijopleiding.
1. Indien de lesovereenkomst niet is aangegaan voor een vast aantal lessen dan wel niet is
aangegaan voor een vaste periode, kan de lesovereenkomst door zowel de leerling als de
rijschool worden opgezegd met inachtneming van een opzegtermijn van één maand en wel
tegen de eerste dag van een kalendermaand. De leerling is niet verplicht gedurende deze
opzegtermijn lessen te volgen, mits is voldaan aan het gesteld in artikel 2 lid 2.
2. Indien de lesovereenkomst is aangegaan voor een vast aantal lessen of voor een vast
overeengekomen periode (“lespakket), kan de leerling de lesovereenkomst slechts beëindigen
om dusdanig dringende redenen, dat van hem/haar redelijkerwijs niet verwacht kan worden
deze te continueren, onder gehoudenheid de prijs voor de reeds genoten lessen vermeerderd
met de prijs van één lesuur, alsmede de administratiekosten en het door de rijschool betaalde
examengeld (CBVR‐, CCV of BNOR gedeelte) te vergoeden. Indien het bedrag ineens bij
vooruitbetaling is voldaan, zal de rijschool het verschuldigde bedrag restitueren onder aftrek
van het door hem aan CBR, CCV of BNOR betaalde examengeld en een bedrag naar rato van het
aantel reeds genoten lessen, vermeerderd met een vergoeding gelijk aan de prijs aan één lesuur
alsmede de administratiekosten, welke 10 procent van de gekozen pakketprijs bedragen.
3. Indien de rijschool en de leerling een gereduceerd tarief zijn overeengekomen voor een
bepaald lespakket, dient de leerling het gehele lespakket af te nemen. Indien de leerling alsnog
besluit een lespakket tussentijds te beëindigen vanwege een dringende reden (zie art. 2 lid 1),
vervalt het gereduceerde tarief. De leerling is in dat geval gehouden de gangbare prijs voor de
reeds genoten lessen, vermeerderd met de prijs van één lesuur, alsmede de administratiekosten
en het door de rijschool betaalde examengeld (gangbare tarief CBVR‐, CCV of BNOR gedeelte) te
vergoeden.. Indien het bedrag ineens bij vooruitbetaling is voldaan door de leerling, zal de
rijschool het “niet verbruikte” bedrag restitueren, onder aftrek van het door hem aan CBR, CCV
of BNOR betaalde examengeld (niet gereduceerde tarief) en een bedrag naar rato van het aantel
reeds genoten lessen, vermeerderd met een vergoeding gelijk aan de prijs aan één lesuur
alsmede de administratiekosten.
4. Indien de rijschool de rijopleiding wenst te beëindigen is zij verplicht les‐ en examengelden
terug te betalen waarvoor nog niet is gepresteerd.
5. Als een leerling de rijopleiding onderbreekt, vervalt een jaar na de laatst genoten rijles het
recht op teruggave van les‐ en examengelden. Het blijft drie jaar mogelijk de rijopleiding te
hervatten en de tegenwaarde van de overgebleven lessen te consumeren.
6. Wanneer de leerling is geslaagd voor het onderzoek krijgt hij de teveel betaalde les‐ en
examengelden terugbetaald door de rijschool.
Artikel 7 – Vrijwaring
1. De rijschool vrijwaart de leerling voor aanspraken van derden als gevolg van botsing, aan‐ of
overrijdingen tijdens de rijles alsmede tijdens het onderzoek, met uitzondering van die
voorvallen die het gevolg zijn van opzet en/of grove schuld van de leerling, alsmede bij het
gebruik door de leerling van alcohol, verdovende middelen of geneesmiddelen die de
rijvaardigheid kunnen beïnvloeden.
2. Indien de leerling, ondanks zijn/haar verklaring, dat hem/haar bij rechterlijke uitspraak niet de
bevoegdheid is ontzegd motorvoertuigen te besturen noch zijn/haar rijbewijs is ingevorderd,
toch rijles neemt en indien de opgave onjuist is, vrijwaart de leerling de rijschool volledig en zal
eventueel ter zake de opgelegde boetes geheel vergoeden, alsmede alle andere financiële
consequenties geheel overnemen.
Artikel 8 – Aanvullende voorwaarden
1. Indien er sprake is van een bijzondere rijopleiding( bijvoorbeeld pakketopleiding of
spoedcursus), dan is de rijschool gerechtigd aanvullende voorwaarden te stellen
2. Aanvullende voorwaarden als bedoeld in lid 1 maken deel uit van de overeenkomst die de
leerling met de rijschool heeft gesloten.
3. Wanneer de leerling kiest voor een spoedopleiding is hij/zij verplicht een intake te rijden.
4. Wanneer de leerling kiest voor een compactopleiding dient hij/zij het advies op te volgen,
welke voortkomt uit de tussentijdse toets of het proefexamen. Indien dit advies niet wordt
opgevolgd, komt de eenmalige examengarantie te vervallen.
5. Op alle overeenkomsten van Rijschool Hosanna is Nederlands recht van toepassing